Kenmerken

  • 25-Delige preparatenset
  • Preparaten van hoge kwaliteit
  • Histologie mens & zoogdieren, zoölogie en plantkunde
  • Voor onderwijs
Modellen
Technische specificaties
Downloads

Prepared slides sets

MODEL Preparatenset voor Histologie Zoölogie Plantkunde Aantal preparaten Geleverd in  
PB.5211 onderwijs en educatie 25 plastic doos  
PB.5212 onderwijs en educatie 25 plastic doos  
PB.5213 onderwijs en educatie 25 plastic doos  
PB.5214 onderwijs en educatie 25 plastic doos  
PB.5215 onderwijs en educatie 25 plastic doos  

Hoe worden cellen gekleurd en samples geprepareerd?

Celkleuringstechnieken en preparering hangen af van het type kleurmiddel en analysemethode. Eén of meer van de volgende procedures kunnen noodzakelijk zijn om een ​​monster te bereiden:
• Permeabilisatie - behandeling van cellen, meestal met een milde oppervlakte-actieve stof die celmembranen oplost zodat grotere kleurstofmoleculen in de cel kunnen treden

• Fixatie - dient om cel- of weefselmorfologie te "fixeren" of te behouden door het perpareringsproces. Dit proces kan diverse stappen bevatten, maar de meeste fixatieprocedures omvatten het toevoegen van een chemisch fixeermiddel dat chemische bindingen creëert tussen eiwitten om zo hun stevigheid te verhogen. Veel voorkomende fixeermiddelen zijn formaldehyde, ethanol, methanol, en/of picrinezuur

• Bevestiging - gaat om het bevestigen van monsters aan een objectglaasje voor observatie en analyse. Cellen kunnen rechtstreeks worden gekweekt op het glaasje of losse cellen kunnen worden aangebracht op een glaasje met behulp van steriele technieken. Dunne secties (plakjes) materiaal - zoals weefsel - kunnen ook worden aangebracht op een microscoopglaasje ter observatie

• Kleuren - de toepassing van kleurmiddel om cellen, weefsels, componenten of metabole processen van cellen te kleuren. Deze werkwijze kan het onderdompelen van het monster (voor of na het fixeren of bevestigen) in een kleurstofoplossing en vervolgens spoelen en het observeren van het monster onder een microscoop bevatten. Sommige kleurstoffen vereisen het gebruik van een etsmiddel, dat een chemische reactie aangaat met het kleurmiddel en zo een onoplosbaar gekleurd resultaat geeft. Het geëtste kleurmiddel zal op/in het monster achterblijven wanneer men de overtollige kleurstofoplossing wegspoelt

–––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––

PB.5211 Serie met 25 micropreparaten histologie mens & zoogdieren, zoölogie en plantkunde

Deze set bevat:

Histologie

SH.1011 Beenweefsel mens, sectie
SH.1045 Skeletspier hond, l.s. en c.s.
SH.1072 Huid met haarfollikel, mens
SH.1078 Huid, dwars sectie met verschillende lagen, hond
SH.1150 Bloeduitstrijk mens, Giemsa-kleuring

Zoölogie

SZ.1510 Amoebe, Amoebe proteus, w.m.
SZ.1580 Zoetwaterpoliep, Hydra, met knopvorming, w.m.
SZ.1640 Paardespoelworm, Ascaris megalocephala, mitose eieren
SZ.1655 Waterflo, Daphnia sp., w.m.
SZ.1715 Huisvlieg, Musca domestica, monddelen
SZ.1717 Huisvlieg, Musca domestica, poot met haakjes
SZ.1719 Huisvlieg, Musca domestica, vleugel, w.m.

Plantkunde

SB.2006 Ui, Allium cepa, schaal epidermis w.m.
SB.2009 Ui, Allium cepa, mitose worteltop l.s.
SB.2055 Maïs, Zea mays, stengel, c.s.
SB.2060 Tarwe, Triticumaestivum, stengel, c.s.
SB.2070 Zonnebloem, Helianthus, jonge stengel met hoofdbundels, c.s.
SB.2130 Zonnebloem, Helianthus, blad, c.s.
SB.2205 Monocot/dicot bloem van maïs en boterbloem, c.s.
SB.2212 Lelie Lilium, vruchtbeginsel, c.s.
SB.2335 Sterremos, Mnium, w.m.
SB.2355 Broodschimmel, Rhizopus nigricans, ontwikkelde sporagiën
SB.2377 Diatomeeën, w.m.
SB.2381 Spiraalwier, Spirogyra ap., conjugerend
SB.2405 Tandplak bacterieën, uitstrijkje

––––––– ––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––

Afkortingen
c.s. = dwarsdoorsnede
l.s. = lengtedoorsnede
w.m. = geheel preparaat

––––––– ––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––

PB.5212 Serie met 25 micropreparaten histologie mens & zoogdieren, zoölogie en plantkunde

Deze set bevat:

Histologie

SH.1001 Bindweefsel, losmazig, konijn
SH.1005 Hyalien kraakbeenweefsel, konijn, sectie
SH.1160 Luymfeknoop van konijn, sectie
SH.1230 Dunnedarm hond, c.s.
SH.1250 Lever varken, sectie
SH.1430 Kleine hersenen hond, sectie

Zoölogie

SZ.1520 Pantoffeldiertjes, Paramecium, w.m.
SZ.1625 Schistosoma Japonicum, eieren, w.m.
SZ.1630 Lintworm, Taenia van vee, ontwikkelde proglottiden, w.m.
SZ.1635 Paardespoelworm, Ascaris megalocephala, mannetje en vrouwtje, c.s.
SZ.1708 Honingbij, Apis mellifica, monddelen
SZ.1725 Kakkerlak, Periplaneta, kauwende monddelen
SZ.1730 Koolwitje, Pieres brassicae, monddelen, w.m.
SZ.1750 Kakkerlak, Periplaneta, ademopening, w.m.

Plantkunde

SB.2095 Hibiscus, jonge stengel, c.s.
SB.2105 Hibiscus, jonge stengel, c.s.
SB.2110 Pompoen, Cucurbita, stengel, l.s.
SB.2115 Moerbei, Morus Alba, of vlierboom, Sambucus, stengel met cambium en lenticellen, c.s.
SB.2160 Lelie, Lilium, blad, c.s.
SB.2225 Maïs, Zea mays, korrel met embryo, l.s.
SB.2235 Peer, Pirus, steencellen van vruchtvlees, c.s.
SB.2240 Tarwe, Triticum aestivum, korrel, l.s.
SB.2305 IJzervaren, Cyrtomium, rhizoom met vaatbundels, c.s.
SB.2310 IJzervaren, Cyrtomium, met sporangia, c.s.
SB.2386 Oscillatoria, groen-blauwe draadalgen, w.m.

––––––– ––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––

Afkortingen
c.s. = dwarsdoorsnede
l.s. = lengtedoorsnede
w.m. = geheel preparaat

––––––– ––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––

PB.5213 Serie met 25 micropreparaten histologie mens & zoogdieren, zoölogie en plantkunde

Deze set bevat:

Histologie

SH.1006 Elastisch kraakbeenweefsel, konijn
SH.1040 Glad spierweefsel konijn, c.s en l.s.
SH.1110 Long met geïnjecteerde bloedvaten, konijn, c.s.
SH.1130 Slagader en ader konijn, c.s.
SH.1410 Zenuw konijn, c.s. en l.s.

Zoölogie

SZ.1535 Oogdiertje, Euglena viridis, w.m.
SZ.1586 Zoetwaterpoliep, Hydra, complete tentakels, w.m.
SZ.1620 Schistosoma Japonicum, vrouwtje, w.m.
SZ.1705 Honingbij, Apis mellifica, achterpoot, w.m.
SZ.1733 Koolwitje, Pieres brassicae, deel van vleugel
SZ.1738 Sprinkhaan, Locusta, monddelen, w.m.
SZ.1780 Insektenpoten, 4 typen, honingbij, huisvlieg, mug en spin
SZ.1877 Kikker, Rana spec., bloeduitstrijk

Plantkunde

SB.2011 Maïs, Zea mays, worteltop met haren, l.s.
SB.2020 Zonnebloem, Helianthus, oude wortel, c.s.
SB.2025 Monocot/dicot wortels van maïs en zonnebloem, c.s.
SB.2040 Aardappel, Solanum tuberosus, zetmeelcellen
SB.2075 Monocot/dicot stengel, maïs en pompoen, c.s.
SB.2091 Hydrilla stengel, c.s.

SB.2100 Geranium, Pelargonium hortorum, stengel, c.s.
SB.2337 Sterremos, Mnium, antheridiën, l.s.
SB.2339 Sterremos, Mnium, archegoniën, l.s.
SB.2373 Inktzwam, Coprinus, vruchtlichaam, c.s.
SB.2380 Spiraalwier, Spirogyra sp., conjugerend
SB.2420 3 Typen bacterieën, coccen, bacillen en spirellen, uitstrijk

––––––– ––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––

Afkortingen
c.s. = dwarsdoorsnede
l.s. = lengtedoorsnede
w.m. = geheel preparaat

––––––– ––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––

PB.5214 Serie met 25 micropreparaten histologie mens & zoogdieren, zoölogie en plantkunde

Deze set bevat:

Histologie

SH.1060 Pees, bindweefsel van hond, l.s.
SH.1075 Huid mens met doorsnede zweetklier
SH.1330 Testis konijn, c.s.
SH.1340 Ovarium, eierstok konijn met ontwikkelde eitjes
SH.1360 Sperma, zaadcellen van mens
SH.1490 Netvlies, retina van konijn, sectie

Zoölogie

SZ.1522 Pantoffeldiertje, Paramecium, conjugerend, w.m.
SZ.1524 Pantoffeldiertje in deling
SZ.1540 Zweepdiertje, Trachelomonas, w.m.
SZ.1585 Zoetwaterpoliep met endoderm
SZ.1710 Honingbij, Apis mellifica, facettenoog, c.s.
SZ.1720 Steekmug, Culex pipiens, larve, w.m.
SZ.1724 Chromosomen, fruitvliegje, drosophila, speekselklier, w.m.
SZ.1810 Mossel, Mya arenaria, kieuwen, c.s.
SZ.1860 Lancetvis, kieuwen en ingewanden

Plantkunde

SB.2015 Boterbloem, Ranunculus, wortel, c.s.
SB.2076 Lindeboom, Tilia, 1, 2 en 3 jaars stengel c.s.
SB.2080 Den, houten stengel, l.s.
SB.2140 Tarwe, Triticum aestivum, blad, c.s.
SB.2150 Monocot/dicot blad van maïs en liguster, c.s.
SB.2230 Den, Mannelijk kegel
SB.2232 Den, Pinus, vrouwelijke kegel, l.s.
SB.2315 IJzervaren, Cyrtomium, prothallium met jonge sporophyt, w.m.
SB.2320 Cyrtomium, fern, leaf with sporangia
SB.2384 Kogelalg, Volvox sp., w.m.

––––––– ––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––

Afkortingen
c.s. = dwarsdoorsnede
l.s. = lengtedoorsnede
w.m. = geheel preparaat

––––––– ––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––

PB.5215 Serie met 25 micropreparaten histologie mens & zoogdieren, zoölogie en plantkunde

Deze set bevat:

Histologie

SH.1043 Hartspier hond, l.s.
SH.1070 Dekweefsel van mondslijmvlies, mens, geïsoleerde cellen
SH.1315 Nier rat, schors en merg, c.s.
SH.1420 Kleine hersenen hond, sectie
SH.1450 Ruggenmerg konijn, c.s.
SH.1470 Smaakpapillen tong van konijn, l.s.

Zoölogie

SZ.1610 Platworm, Planaria, met geïnjecteerde darm, w.m.
SZ.1636 Paardespoelworm, Ascaris megalocephala, mitose eieren
SZ.1760 Hondenvlo, Ctenocephalus canis, w.m.
SZ.1770 Spintmijt, Tetranychus, w.m.
SZ.1930 Vogel, vlieg- en donsveer, c.s.
SZ.1940 Kip, embryo 48 uur, sagitale, c.s.

Plantkunde

SB.2090 Geranium, Pelargonium hortorum, stengel, c.s.
SB.2112 Pompoen, Cucurbita, stengel, c.s.
SB.2135 Oleander, Nerium oleander, blad met verzonken huidmondjes, c.s.
SB.2210 Lelie, Lilium, helmknop met ontwikkelde pollen, c.s.
SB.2214 Lelie, Lilium, meiose pollen, diverse stadia
SB.2220 Herderstasje, Capsella, Zaaddoos met embryo in pre-cotyledon stadium, l.s.
SB.2222 Herderstasje, Capsella, Zaaddoos met embryo in cotyledon stadium, l.s.
SB.2234 Den, Pinus, stuifmeel, w.m.
SB.2330 Levermos, Marchantia, thallus met broedbekers, c.s.
SB.2360 Gist, Saccaromyces sp., vegetatieve voortplanting door knopvorming
SB.2365 Penseelschimmel, Penicillium sp., w.m.
SB.2410 Melkzuurbacterieën, Streptococus lactis, uitstrijk
SB.2415 Hooi-Bacterieën, Bacillus subtilis, uitstrijk

––––––– ––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––

Afkortingen
c.s. = dwarsdoorsnede
l.s. = lengtedoorsnede
w.m. = geheel preparaat

––––––– ––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––