Kenmerken

  • 10 of 25-delige sets van micropreparaten
Modellen
Technische specificaties
Downloads

Micropreparaten sets

MODEL Preparatenset voor Histologie mens Histologie zoogdieren Dierkunde Plantkunde Aantal preparaten Geleverd in  
PB.5204 hobby 10 plastic doos  
PB.5218 hobby 25 plastic doos  

Hoe worden cellen gekleurd en samples geprepareerd?

Celkleuringstechnieken en preparering hangen af van het type kleurmiddel en analysemethode. Eén of meer van de volgende procedures kunnen noodzakelijk zijn om een ​​monster te bereiden:
• Permeabilisatie - behandeling van cellen, meestal met een milde oppervlakte-actieve stof die celmembranen oplost zodat grotere kleurstofmoleculen in de cel kunnen treden

• Fixatie - dient om cel- of weefselmorfologie te "fixeren" of te behouden door het perpareringsproces. Dit proces kan diverse stappen bevatten, maar de meeste fixatieprocedures omvatten het toevoegen van een chemisch fixeermiddel dat chemische bindingen creëert tussen eiwitten om zo hun stevigheid te verhogen. Veel voorkomende fixeermiddelen zijn formaldehyde, ethanol, methanol, en/of picrinezuur

• Bevestiging - gaat om het bevestigen van monsters aan een objectglaasje voor observatie en analyse. Cellen kunnen rechtstreeks worden gekweekt op het glaasje of losse cellen kunnen worden aangebracht op een glaasje met behulp van steriele technieken. Dunne secties (plakjes) materiaal - zoals weefsel - kunnen ook worden aangebracht op een microscoopglaasje ter observatie

• Kleuren - de toepassing van kleurmiddel om cellen, weefsels, componenten of metabole processen van cellen te kleuren. Deze werkwijze kan het onderdompelen van het monster (voor of na het fixeren of bevestigen) in een kleurstofoplossing en vervolgens spoelen en het observeren van het monster onder een microscoop bevatten. Sommige kleurstoffen vereisen het gebruik van een etsmiddel, dat een chemische reactie aangaat met het kleurmiddel en zo een onoplosbaar gekleurd resultaat geeft. Het geëtste kleurmiddel zal op/in het monster achterblijven wanneer men de overtollige kleurstofoplossing wegspoelt

–––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––

PB.5204 10-delige set van dier- en plantkunde (hobby)

Deze set bevat:

DIERKUNDE

SH.1040 Glad spierweefsel konijn, c.s. en l.s.
SH.1110 Long konijn met geïnjecteerd bloedvaten c.s.
SZ.1708 Honingbij, Apis mellifica, monddelen
SZ.1733 Koolwitje, Pieres brassicae, deel van vleugel
SZ.1877 Kikker, Rana spec., bloeduitstrijk
SB.2015 Boterbloem, Ranunculus, wortel, c.s.

PLANTKUNDE

SB.2160 Lelie, Lilium, blad, c.s.
SB.2222 Herderstasje, Capsella, Zaaddoos met embryo in cotyledon stadium, l.s.
SB.2374 Nigerschimmel.Aspergillus,w.m.
SB.2384 Kogelalg, Volvox sp., w.m.

–––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––

Afkortingen
c.s. = dwarsdoorsnede
l.s. = lengtedoorsnede
w.m. = geheel preparaat

–––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––

PB.5218 25-delige set van dier- en plantkunde (hobby)

Deze set bevat:

HISTOLOGIE VAN MENS EN ZOOGDIEREN

SH.1072 Huid mens met haarfollikel
SH.1150 Bloeduitstrijk mens, Giemsa kleuring
SH.1415 Motorische zenuw van koniin met eindplaatje, wm.
SH.1470 Smaakpapillen van tong konijn, l.s.

PLANTKUNDE

SB.2009 Ui, Allium cepa, mitose worteltop l.s.
SB.2055 Maïs, Zea mays, stengel, c.s.
SB.2075 Monocot/dicot stengel, maïs en pompoen, c.s.
SB.2100 Geranium, Pelargonium hortorum, stengel, c.s.
SB.2112 Pompoen, Cucurbita, stengel, c.s.
SB.2130 Zonnebloem, Helianthus, blad, c.s.
SB.2135 Oleander, Nerium oleander, blad met verzonken huidmondjes, c.s.
SB.2210 Lelie, Lilium, helmknop met ontwikkelde pollen, c.s.
SB.2225 Maïs, Zea mays, korrel met embryo, l.s.

DIERKUNDE

SZ.1520 Pantoffeldiertjes, Paramecium, w.m.
SZ.1535 Oogdiertje, Euglena viridis, w.m.
SZ.1580 Zoetwaterpoliep, Hydra, met knopvorming, w.m.
SZ.1630 Lintworm, Taenia van vee, ontwikkelde proglottiden, w.m.
SZ.1635 Paardespoelworm, Ascaris megalocephala, mannetje en vrouwtje, c.s.
SZ.1640 Paardespoelworm, Ascaris megalocephala, mitose eieren
SZ.1655 Watervlo, Daphnia sp., w.m.
SZ.1705 Honingbij, Apis mellifica, achterpoot, w.m.
SZ.1710 Honingbij, Apis mellifica, facettenoog, c.s.
SZ.1719 Huisvlieg, Musca domestica, vleugel, w.m.
SZ.1722 Steekmug, Culex pipiens. monddelen van vrouwtje
SZ.1724 Chromosomen, fruitvliegje, drosophila, speekselklier, w.m.

–––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––

Afkortingen
c.s. = dwarsdoorsnede
l.s. = lengtedoorsnede
w.m. = geheel preparaat

–––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––